Hoe doe ik de was met mijn visuele beperking?

Een foto van het bedieningspaneel van de Miele GuideLine wasmachine.

Deel dit bericht met je netwerk!

Om de vrijdag blog ik over hoe ik dingen aanpak met mijn visuele beperking. Het betreft zaken die mensen aan mij vragen of juist niet durven vragen. Deze keer: Hoe doe ik de was met mijn visuele beperking?

Vooroordelen

‘Jouw vriend doet zeker de was thuis. Jij kan dat niet.’
‘Lijkt me lastig altijd je was naar een wasserette te moeten brengen.’
‘Jij brengt je was zeker naar je moeder.’
Nou, mooi niet! Het kost mij meer tijd en energie, maar ik doe het zelf.

Vooraf

Een klus waar iedereen volgens mij een hekel aan heeft is het doen van de was. Dat is bij mij niet anders. Het is een klus die aldoor terugkomt. Het verschil zit bij mij in mijn visuele beperking. Ik ben blind en kan geen kleuren zien of kledinglabels lezen. Mijn wasstrategie begint daarom ver voordat de was ronddraait in de wasmachine.

Stap 1: Aanschaf wasmachine en wasdroger

Het vinden van een toegankelijke wasmachine en wasdroger is voor veel visueel beperkten een rotklus. Ik zie regelmatig oproepen op forums en facebookgroepen van visueel gehandicapten die naar ervaringen vragen. Veel huishoudelijke apparatuur heeft tegenwoordig een touchscreen. Dat maakt het gebruik ontoegankelijk, omdat ik de knoppen niet voel en daardoor niet weet wat ik doe.
Een toegankelijke machine heeft voelbare knoppen en als er een draaiknop is, moet je kunnen voelen op welke stand je hem zet. Ik vind het zelf ook erg fijn als ik auditieve feedback krijg van de machine in de vorm van geluidjes bij het in toetsen van knoppen. Het lastige is dat je met een wasmachine of wasdroger jaren doet. Tegen de tijd dat hij stuk gaat, is het model van de markt af en moet je weer op zoek naar een ander toegankelijk model.
Mijn vorige wasmachine heb ik vijftien jaar gehad. Ik wist dat deze toegankelijk was, doordat hetzelfde model gebruikt werd bij het woontrainingscentrum voor visueel gehandicapten Visio De Heerensingel in Weesp. Onlangs moest ik een nieuwe wasmachine aanschaffen en ben ik uitgekomen op de Miele GuideLine. Dit is een wasmachine die ontwikkeld is in samenwerking met blinden en slechtzienden. In stap 5 vertel ik meer over mijn huidige wasmachine.

Stap 2: Kleding kopen

Bij de aanschaf van kleding vraag ik hoe dingen gewassen moeten worden. Als ik iets op de hand moet wassen, het een afwijkende wasinstructie heeft of als het gestreken moet worden, koop ik het niet. Ik ken mezelf: als ik het koop, ga ik achteraf twijfelen hoe het ook alweer behandeld moest worden. Het doen van handwas vind ik lastig, omdat ik niet weet of iets schoon is en of er zeepresten in de kleding zitten. Strijken heb ik vroeger geleerd, maar ik blijf bang me te verbranden aan het strijkijzer.
Er komt in de toekomst een ‘Hoe doe je dat?’ over hoe ik kleding koop.

Stap 3: Weten wat ik aan heb

Mijn kledingstukken hebben een vaste plek in mijn kast. Op deze structuur kom ik in een latere ‘Hoe doe je dat?’ terug. Ik weet hierdoor wat ik aan doe en welke kleur het heeft. Van de kleding van mijn partner weet ik dat niet altijd.
Ik zie niet of mijn kleding vies is, daarom was ik mijn kleding regelmatig. Tenzij iemand mij vertelt dat ergens een vlek op zit, draag ik bovenkleding bijvoorbeeld twee dagen en broeken vier. Daarna gooi ik het in de wasmand.
Sommige mensen zeggen niet tegen me dat er een vlek in mijn kleding zit, omdat ze bang zijn me te kwetsen. Ik vind het echter gênanter om erachter te komen dat ik al twee dagen in een vuil shirt loop. Zie je een vlek op mijn kleding, zeg het!

Stap 4: Was sorteren

Toen ik nog wat zag, kon ik de kleuren van het wasgoed nog herkennen. Eens in de week kiepte ik mijn wasmand om in de gang en sorteerde de was in stapeltjes: licht, donker, handdoeken, enz. Sinds ik blind ben, kost dit onderdeel meer moeite.
Wij hebben nu drie wasmanden, zodat wasgoed meteen na het gebruik in de juiste mand gegooid wordt. De eerste mand is voor de handdoekenwas en al de andere dingen die op 60 °C mogen. De tweede mand is voor witte en lichtgekleurde was (30 °C). De derde mand is voor zwarte en donkere was (30 °C). De manden hebben een vaste plek in de douche, zodat ik precies weet wat in welke mand zit. Mochten ze verplaatst zijn dan kan ik ze herkennen aan kleine verschillen: de deksel van de handdoekenmand gaat op een andere manier open en om een van de handvatten van de mand met lichte was heb ik een koord vastgemaakt.
Mijn partner gooit zijn eigen spullen in de juiste manden en ik weet door de bovenstaande stappen waar mijn was moet. Als ik twijfel, vraag ik de kleur aan mijn partner.
Als ik mijn bed verschoon, gooi ik dat beddengoed meteen in de wasmachine. Zo kan ik niet in de war raken met bij welke dekbedhoes de kussenslopen horen. Over het verschonen van mijn bed, komt in de toekomst een ‘Hoe doe je dat’.
Dingen die nieuw zijn, was ik de eerste keer apart met azijn. Zo zorg ik dat het de volgende keer niet afgeeft aan de andere kleding in de wasmachine.

Stap 5: De wasmachine

Mijn wasmachine is een Miele GuideLine. Ik heb hem gekocht, omdat deze machine is ontwikkeld in samenwerking met blinden en slechtzienden. Ik heb met behulp van een uitleg die ik van iemand per mail had ontvangen en met mijn vriend en moeder geoefend hoe de wasmachine te gebruiken.

Hoe werkt de Miele Guideline?

Aan de rechterkant van het bedieningspaneel zit een draaiknop met twaalf programma’s. Als ik aan de knop draai, voel ik duidelijke klikjes en de programma-aanwijzer is prominent aanwezig. Als je de machine van Uit naar een programma zet, hoor je tevens een geluidssignaal. Als je de knop naar rechts draait, kom je langs de volgende programma’s:

  • Stand 0: Uit (Draaiknop staat op 12 uur
  • Programma 1: Express
  • Programma 2: Donkere was / Jeans
  • Programma 3: Outdoor
  • Programma 4: Impregneren
  • Programma 5: Pompen / Centrifugeren
  • Programma 6: Spoelen / Stijven
  • Programma 7: Overhemden
  • Programma 8: Wol
  • Programma 9: Fijne was
  • Programma 10: Kreukherstellend
  • Programma 11: Katoen
  • Programma 12: ECO

Links van de draaiknop staan drie rijen met instellingen:

  • Rij 1 van beneden naar boven: De temperatuur: koud, 20 °C, 30 °C, 40 °C, 60 °C en 90 °C.
  • Rijd 2 van boven naar beneden: Het toerental: 1400, 1200, 900, 600, Spoelstop.
  • Rij 3 van beneden naar boven: Extra’s: Inweken, Voorwas, Extra water, Kort.

Als ik met mijn vinger van beneden naar boven langs de opties ga, hoor ik piepjes die hoe hoger ik kom, hoger qua toon worden. Ik vind deze auditieve feedback erg fijn.

Het wassen

Waspoeder gebruik ik alleen bij kleine wasjes of bij het wassen van de dierendekens. Voor alle overige was gebruik ik kant-en-klare wastabletten. Bij het afmeten van waspoeder mors ik altijd wel iets. Bij wastabletten gebeurt dit niet. Deze mogen bij de was in de trommel, terwijl het waspoeder in een vakje boven in de machine gaat. Toen ik de machine net had, was het eerste wat ik wilde weten welk vakje voor waspoeder was, welke voor wasverzachter en welke voor voorwas.
Op mijn wasmachine zit een timer, zodat je kunt zien hoelang de was nog duurt. Ik kan het scherm niet lezen, maar ik weet hoe lang de programma’s er ongeveer over doen. Als de wasmachine veel herrie maakt, is hij begonnen met centrifugeren. Ik weet dan dat hij bijna klaar is. Als hij volledig klaar is, piept hij.

Stap 6: Ophangen en drogen

Alle was die in de wasdroger mag, gaat erin. Voorheen had ik een Miele droger met een braillesticker op het bedieningspaneel. Deze ging een aantal jaar geleden stuk en Miele had toen geen braillestickers meer voor haar apparatuur. De droger die we nu hebben is van een ander merk en kan ik zelf bedienen, maar ik weet van veel programma’s niet waar ze voor zijn. De twee meest gebruikte programma’s heeft mijn partner met een spot-n-line pen voorzien van een voelbare markering.
De dingen waarvan ik weet dat ze niet in de droger mogen, of waar ik over twijfel, hang ik op. Ik vermoed dat ik dit niet anders doe dan anderen. Ik zorg dat ik kleding ongekreukeld ophang aan het wasrek.

Stap 7: Strijken

Strijken doe ik niet, omdat ik bang ben me te branden aan het strijkijzer. Als er strijkwerk is, zoals overhemden van mijn partner, laat ik dit door iemand anders doen.

Stap 8: Opvouwen en opbergen

Zodra alles droog is vouw ik het een voor een op en doe het in een kleine wasmand. Ik maak twee stapels in de wasmand: een met de dingen van mijn partner en een voor mijn eigen spullen waarvan ik niet weet welke kleur ze hebben. Naast de wasmand maak ik een derde stapel met mijn eigen kleding waarvan ik wel weet waar het in mijn kast hoort. Na het opvouwen berg ik het lege wasrek op, zodat ik de volgende keer dat ik op zolder ben me er niet aan stoot. De derde stapel leg ik nu ook in de wasmand.
De spullen van mijn vriend kan ik meteen opbergen in zijn kast, omdat ik bij hem niet op de kleursortering hoef te letten. Mijn kledingstukken waarvan ik weet welke kleur ze zijn, gaan meteen mijn kast in. De derde stapel met de dingen waarvan ik het niet weet, laat ik in de mand zitten. Later vraag ik aan mijn partner welke kleur deze kledingstukken hebben, zodat ik ze op de juiste plek in mijn kast kan opbergen. Ik gebruikte in het verleden een kleurendetector. Dit is een hulpmiddel dat vertelt welke kleur iets is. Ik merkte dat deze regelmatig fout zat. Bij donkerblauw zei hij bijvoorbeeld dat iets zwart was en bij heel licht roze dat het wit was.
Beddengoed vouw ik meteen op, zodat het dekbedhoes en de kussenslopen bij elkaar blijven. Ik vouw de dekbedhoes zo klein mogelijk en stop de bijpassende, opgevouwen kussenslopen tussen de twee laatste vouwlagen.

Stap 9: Oeps, het was nog vies

Ik zie niet of was schoon is. Ik ga ervan uit dat als het in de wasmachine geweest is alle eventuele vlekken eruit zijn. Het gebeurt af en toe dat iemand me erop wijst dat iets niet schoon is, terwijl het net uit de kast komt. De betreffende vlek smeer ik dan, met hulp van een ziende, grondig in met afwasmiddel. Ik wrijf dit zowel op de buiten- als binnenkant van de kleding. Ik gooi het kledingstuk dan weer in de juiste wasmand. Als het gewassen is, houd ik het apart van de andere schone was en laat ik door iemand checken of de vlek eruit is. Zo niet, dan vraag ik iemand het kledingstuk voor mij te wassen. Meestal krijg ik de kleding dan weer ongevlekt terug.

Ervaringen van andere blinden en slechtzienden

Sommige visueel gehandicapten kunnen nog genoeg zien en hebben geen hulpmiddelen nodig. Zij doen hun was net als ieder ander. Het lezen van kledinglabels doen zij soms met een loep, omdat die lettertjes heel klein en soms vervaagd zijn.
Ik weet dat een aantal zeer slechtzienden en blinden hun machines op de een of andere manier hebben voorzien van voelbare markeringen. Ook zijn er nu wasmachines die je met een app kunt bedienen. Maar niet alle apps zijn toegankelijk.
Het sorteren van de was doet iedereen op zijn eigen manier. Het idee van de drie wasmanden heb ik van een kennis. Anderen markeren hun kleding door aan de binnenkant een specifiek gevormde knoop te (laten) naaien en weten daardoor in welke wasbeurt het moet. Een andere methode is het zo goed mogelijk zelf op gevoel en geheugen te doen en voor het in de machine gaat het door iemand laten nakijken. Sommigen gebruiken een kleurendetector. Hier bestaan apps voor en losse apparaatjes.

Ook nieuwsgierig?

Ben jij ook benieuwd naar hoe ik iets aanpak met mijn visuele beperking? Stuur me een bericht en misschien lees je het antwoord op jouw vraag in de volgende ‘Hoe doe je dat?’.

Deel dit bericht met je netwerk!

2 gedachten over “Hoe doe ik de was met mijn visuele beperking?

  1. Leuke blog over de wasmschine en zo. Ik vond 1 typo bij de beschrijving van de knoppen: 9000 toeren is wel een beetje veel, toch? moet natuurlijk 900 zijn. Zelf heb ik ook een Miele. Deze is inmiddels ca 7 jaar oud en ik ben er heel tevredenmee.

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.